Sinds 2 augustus 2026 gelden in de hele Europese Unie nieuwe verplichtingen voor bedrijven en organisaties die gebruikmaken van kunstmatige intelligentie. Op grond van artikel 50 van de EU AI-verordening moeten chatbots, deepfakes en andere AI-gegenereerde inhoud voortaan duidelijk als zodanig herkenbaar zijn voor gebruikers. De regels zijn nu van kracht en toezichthouders, waaronder de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) in Nederland, zijn bevoegd om te handhaven.
Wat is er veranderd?
De EU AI-verordening (ook wel AI Act genaamd) is in fasen in werking getreden. Na de inwerkingtreding van verboden op zogeheten onaanvaardbare AI-risico’s eerder dit jaar, is nu een volgende mijlpaal bereikt: de transparantieverplichtingen van artikel 50 zijn per 2 augustus 2026 van toepassing. Dit betekent dat organisaties die AI inzetten voor communicatie met mensen, of die AI-inhoud genereren, concreet moeten handelen.
De nieuwe regels raken een breed scala aan toepassingen. Denk aan de chatbot op een webshop, een virtuele klantenservicemedewerker, een AI-gegenereerde nieuwsfoto of een nep-videoboodschap van een bekende persoon. In al deze gevallen geldt voortaan een openbaarmakingsplicht.
Vier verplichtingen op een rij
Artikel 50 kent vier concrete transparantieverplichtingen:
1. Chatbots en virtuele assistenten. Aanbieders van systemen die bedoeld zijn om met mensen te communiceren — zoals chatbots of AI-telefoondiensten — moeten gebruikers er uiterlijk bij het begin van de interactie op wijzen dat zij met een machine spreken. Uitzondering: als het voor een normaal oplettende persoon al overduidelijk is dat het om AI gaat, is een aparte melding niet verplicht.
2. Deepfakes. Wie AI inzet om realistische maar nep-afbeeldingen, audio of video te maken van personen of situaties, moet dit duidelijk aangeven. De AI-oorsprong moet zichtbaar of hoorbaar worden vermeld via een label dat mensen kunnen begrijpen zonder een detectietool te gebruiken.
3. AI-gegenereerde tekst en media. Aanbieders van generatieve AI-systemen — systemen die op verzoek teksten, afbeeldingen, audio of video produceren — moeten hun output technisch markeren (via zogeheten watermerken of metadata) zodat de inhoud machinaal herkenbaar is als AI-gegenereerd. Systemen die al vóór 2 augustus op de markt waren, krijgen een overgangsperiode tot 2 december 2026.
4. Emotieherkenning en biometrische categorisering. Wie AI gebruikt om emoties of kenmerken van mensen te herkennen of in te delen, moet de betrokkenen daarover informeren.
Wat zijn de gevolgen voor bedrijven?
Voor Nederlandse bedrijven en organisaties betekent dit dat zij hun huidige AI-toepassingen kritisch moeten doorlichten. Gebruik je een AI-chatbot op je website? Dan moet die gebruikers actief informeren. Zet je AI in om productfoto’s te genereren of marketingvideo’s te maken? Dan moet de AI-oorsprong worden aangegeven. Wie dit nalaat, loopt het risico op flinke boetes.
De maximale boete voor overtreding van de transparantieverplichtingen bedraagt 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde jaaromzet van het bedrijf, afhankelijk van welk bedrag hoger is. Voor grote techbedrijven en multinationals kunnen dat astronomische bedragen zijn.
De Autoriteit Persoonsgegevens is in Nederland aangewezen als toezichthouder en heeft bedrijven opgeroepen om de zogenoemde gedragscode voor AI-transparantie te ondertekenen. Die gedragscode biedt een praktische leidraad voor naleving.
Waarom is dit belangrijk?
De nieuwe transparantieverplichtingen zijn onderdeel van een bredere Europese strategie om burgers te beschermen tegen de risico’s van AI. Deepfakes worden steeds realistischer en makkelijker te maken, wat zorgen oproept over desinformatie, oplichting en aantasting van de persoonlijke levenssfeer. Door mensen het recht te geven om te weten wanneer zij met AI te maken hebben, wil de EU de autonomie van burgers versterken.
Voor consumenten is de boodschap duidelijk: je hebt vanaf nu het wettelijke recht om te weten of je met een mens of een machine communiceert, en of de afbeelding of video die je ziet echt is. Bedrijven die hierover onduidelijkheid laten bestaan, handelen in strijd met Europees recht.
Wat nu?
Organisaties die nog niet hebben gecontroleerd of hun AI-toepassingen voldoen aan artikel 50, doen er verstandig aan dit zo snel mogelijk te doen. De regels zijn niet meer vrijblijvend. Voor advies over de concrete verplichtingen voor uw organisatie of sector kunt u terecht bij een juridisch adviseur of de Autoriteit Persoonsgegevens.
De informatie in dit artikel is van algemene aard en geen juridisch advies.